Levensbeschouwing
Hieronder vindt u een beschrijving van het godsdienstlessen vormingsonderwijs (gvo) en het humanistisch vormingsonderwijs (hvo). Vanaf groep 6 kunt u zelf bepalen of uw kind het godsdienstig of het humanistisch vormingsonderwijs gaat volgen. Beide vakken worden n keer per week gegeven.

Ieder schooljaar kunt u deze keuze opnieuw maken. Ook is het mogelijk om geen van beide te volgen. De kinderen krijgen dan een ander programma. Hieronder vindt u verdere inhoudelijke informatie. Beide stukken zijn de docenten zelf ingebracht. 


Godsdienstig vormingsonderwijs
In het godsdienstig vormingsonderwijs  op de openbare basisschool maken kinderen kennis met de verschillende godsdienstige tradities en leren ze respect te hebben voor de verschillende manieren waarop mensen denken en geloven.

In de methode die we op de F.H. Jansenius de Vriesschool gebruiken: "Het verhaal centraal"  gaat het er vooral om dat kinderen belangrijke verhalen uit verschillende godsdienstige tradities leren kennen. Er worden verhalen uit de Bijbel verteld, maar er komen ook andere verhalen aan de orde, waarbij we proberen om deze verhalen te verbinden met gebeurtenissen en ervaringen die kinderen in hun eigen omgeving tegenkomen.  
 
In de godsdienstlessen krijgt de christelijke traditie de meeste aandacht, ook omdat de lessen worden aangeboden vanuit de plaatselijke hervormde kerk. Bovendien is het nog steeds zo dat heel onze cultuur is verweven met de christelijke traditie. Denk maar aan de spreekwoorden, de feestdagen, de literatuur en de kunst. Wie de bijbelverhalen kent, kan ook een groot deel van onze cultuur beter begrijpen. Maar dat betekent niet dat er geen open oog is voor andere tradities en andere culturen die in onze samenleving een steeds belangrijker plaats innemen. Islam, Jodendom, boeddhisme en hindoesme krijgen ook de nodige aandacht.

Zoals gezegd gaat het erom dat kinderen begrip wordt bijgebracht voor mensen die geloven en voor de inhoud van hun geloof. Er is ruimte voor gesprek, het stellen van vragen en het uitwisselen van meningen.

Humanistisch vormingsonderwijs
Naarmate kinderen opgroeien, ontwikkelen zij besef voor normen en waarden. Ze gaan nadenken over begrippen als vrijheid, vriendschap, liefde, goed en kwaad, waar en onwaar, mooi en lelijk en ontwikkelen daar hun opvattingen over. Die opvattingen nemen later min of meer een steeds vastere vorm aan en worden vergeleken met de ideen van anderen in hun omgeving. Zo vormen de kinderen zich gaandeweg een beeld van zichzelf, van anderen en van de wereld. In de praktijk wordt dat beeld sterk meebepaald door wat de omgeving (ouders, onderwijzers, andere kinderen) ervan vindt.

Waarden en normen van kinderen, en trouwens ook volwassenen, komen niet uitsluitend van henzelf. Zoals gezegd, heeft de directe omgeving daar grote invloed op. Iemand kiest overigens zelf voor de mate waarin dit gebeurt, hoewel het natuurlijk de vraag is in hoeverre kinderen zelf al in staat zijn om een zelfstandig oordeel te vormen.
In de hvo-les wordt samen met de leerlingen gezocht naar wat nu echt hun eigen normen en waarden zijn en wat hun eigen antwoord is op gebeurtenissen die ze in het dagelijkse leven meemaken, waarbij we ernaar streven om de kinderen zoveel mogelijk los van vooroordelen te leren kijken. Dan zullen de kinderen ervaren dat opvattingen van elkaar kunnen verschillen. Ook leren ze naar elkaars mening te luisteren en deze te respecteren. Degene die het hvo geeft, probeert zoveel mogelijk in te spelen op wat er bij de kinderen leeft. Het scheppen van een veilige, vertrouwelijke sfeer in de les is daarbij erg belangrijk.
De docent zal met terughoudendheid ook zijn of haar opvattingen kenbaar maken, als partner in de discussie met de kinderen.

Informatie
gvo en hvo: wat houdt het in
Het Verhaal Centraal